Direct antwoord
Clausule 6 van ISO 45001 eist: doorlopende en proactieve gevarenidentificatie (6.1.2.1) inclusief werkdruk en gedrag, beoordeling van arborisico's én kansen ter verbetering (6.1.2.2 en 6.1.2.3), een register van wettelijke en andere eisen (6.1.3), geplande acties volgens de maatregelhiërarchie (6.1.4) en meetbare arbodoelstellingen met een plan (6.2). De Nederlandse RI&E vormt de natuurlijke kern van dit hoofdstuk, maar de norm vraagt op onderdelen meer.
Clausule 6 van ISO 45001, “Planning”, is het hart van het arbomanagementsysteem: weten welke gevaren er zijn, hoe groot de risico’s zijn en wat je eraan doet, in de juiste volgorde.
6.1.2: Gevarenidentificatie en beoordeling van risico’s en kansen
Richt een doorlopend en proactief proces in voor gevarenidentificatie, dat onder meer meeneemt: de werkorganisatie en sociale factoren (werkdruk, werktijden, leiderschap, intimidatie en agressie), routinematige en niet-routinematige activiteiten, eerdere incidenten intern en extern, noodsituaties, alle personen op de werkplek (ook contractors en bezoekers), wijzigingen, en gevaren nabij de werkplek. Beoordeel de risico’s met vastgestelde methoden (de RI&E-systematiek), en identificeer ook kansen: mogelijkheden om het werk veiliger en gezonder in te richten, bijvoorbeeld bij verbouwingen, nieuwe machines of procesherontwerp.
6.1.3: Wettelijke en andere eisen
Inventariseer en onderhoud de wettelijke eisen (Arbowet, Arbobesluit, specifieke regelgeving voor machines, stoffen en werkzaamheden) en andere eisen (cao-afspraken, klant- en keteneisen, veiligheidsladders), en houd er in het systeem rekening mee: het arbo-complianceregister.
6.1.4: Acties plannen
Plan de acties voor risico’s, kansen en eisen, en voor de voorbereiding op noodsituaties, geïntegreerd in de processen en volgens de maatregelhiërarchie: eliminatie, substitutie, technisch, organisatorisch, PBM. Dit is het plan van aanpak van de RI&E, verrijkt met de normvereisten.
6.2: Arbodoelstellingen
Meetbare doelstellingen op relevante functies en niveaus, consistent met het beleid, met per doelstelling: wat, wie, wanneer, middelen, indicator en evaluatie. Voorbeelden: het aantal verzuimongevallen naar nul, meldingsbereidheid omhoog (meer gemelde bijna-incidenten), alle werkplekinspecties volgens planning uitgevoerd.
Waar let de auditor op?
De actualiteit en volledigheid van de RI&E (getoetst waar verplicht, bijgewerkt na wijzigingen en incidenten), de aantoonbare toepassing van de maatregelhiërarchie in het plan van aanpak, en de betrokkenheid van werknemers bij dit hele proces (5.4). De klassieke bevinding: een plan van aanpak vol PBM’s en instructies waar technische maatregelen mogelijk waren, zonder gedocumenteerde afweging.
Zo werkt dit in Control One
In de portal zie je per normeis welke maatregelen, documenten en bewijsstukken eraan gekoppeld zijn, met de status erbij.
Veelgestelde vragen
Is de RI&E voldoende voor clausule 6?
De RI&E dekt de kern van de gevarenidentificatie en risicobeoordeling, maar de norm vraagt op punten meer: het proces moet doorlopend en proactief zijn (niet één document per vier jaar), sociale factoren zoals werkdruk, werktijden en intimidatie expliciet meenemen, incidentlessen en noodsituaties verwerken, en ook kansen voor verbetering van de arboprestaties identificeren. Een actuele, getoetste RI&E plus een doorlopend proces eromheen voldoet.
Wat is de maatregelhiërarchie (arbeidshygiënische strategie)?
De verplichte volgorde bij het kiezen van maatregelen: (1) het gevaar elimineren, (2) vervangen door iets minder gevaarlijks, (3) technische maatregelen en herinrichting van het werk, (4) organisatorische maatregelen waaronder training, en pas als laatste (5) persoonlijke beschermingsmiddelen. Wie direct naar PBM's grijpt zonder de eerdere treden te overwegen, handelt in strijd met zowel de norm als de Arbowet.